Clutch: freakin’ fantááástic
Tekst: Patrick Oxsener
Waar: Burgerweeshuis, Deventer
Wanneer: 28 november 2009
Geen idee waarom, maar Clutch heeft iets met het Burgerweeshuis. Zaterdag stonden de mannen uit Germantown, Maryland voor de derde keer in vier jaar in het rockhol van Deventer. Weer gewoon als kwartet dit keer en dat was wel zo fijn. Waar het vorige concert met Opeth-toetsenist Per Wiberg uitmondde in één eindeloze jamsessie, daar wist de groep nu wél de aandacht tot het einde vast te houden, met veelal Spartaanse uitvoeringen van de toch al zo lekker puntige songs.
Clutch is een vreemd bandje: begin jaren negentig opgericht als hardcoreformatie en in de loop der jaren langzaam opgeschoven richting een soort van grungy bluesrock. De vet groovende riffs van gitarist Tim Sult en bassist Dan Maines nijgen qua eenvoud en aanstekelijkheid naar Rage Against The Machine, maar de onnavolgbare drummer JP Gaster tilt de nummers met zijn soulvolle, soms bijna jazzy spel naar een aanzienlijk hoger niveau. En dan is er nog Neil Fannon, de bebaarde zanger die zijn gevolg als een creepy dominee toeschreeuwt vanaf de kansel, met veel grootse gebaren, opgeheven vingertjes en overtuigingskracht. Nee, die clip van Burning Beard is niet zomaar verzonnen.
Zijn ogen verraadden overigens dat de zanger zaterdag – tijdens het slotoptreden van een tour met Kamchatka en Kylesa – niet helemaal dopingvrij was. “I feel freakin’ fantááástic”, verzekerde hij het publiek halverwege en geen hond die hem niet geloofde. Het deed ook verder niets af aan het concert, dat vanaf opener 50.000 Unstoppable Watts in een gestaag tempo door een fijne stapel songs van vooral de laatste vier albums raasde – met als hoogtepunten de blues Electric Worry, het intrigerende Abraham Lincoln en (hé, daar is ‘ie weer) prijsnummer Burning Beard.
Al met al stierlijk vermaakt: volgend jaar weer? Vast wel.
Wat heeft het beste liedje aller tijden dat de rest niet heeft?
Serieuze boodschap verpakt in een zonnige mix van soul, dance, hiphop en Latijns-Amerikaanse klanken.
Deze live-cd begint fijn, maar gaat uit als een nachtkaars. Komt vooral vanwege de vreemde opbouw.
De meest onverwachte, mooie en onverwacht mooie albumtracks uit met name de jaren tachtig. Feest voor fans van het vroege R.E.M.-werk.
Weelderig pakket met een concert als een Hollywood-film: routineus, braaf en met een einde dat je van mijlenver ziet aankomen.
Hoewel de Yoko-bashers weer genoeg stof zullen vinden om er op los te hakken, is dit album verrassend goed en gewaagd.
Momenteel hangt er een authentieke nepbas van Paul McCartney om mijn nek en die wakkert onverwachte ambities aan. Klaar? Start de band!